Wijn schenken en proeven: zo haal je meer uit elke fles

  • Dec, 08 , 20
  • Katrien Sterckx

Een goede fles verdient meer dan alleen een snelle draai aan de kurkentrekker. Met een paar eenvoudige gewoontes bij het openen, schenken en proeven haal je meer aroma, smaak en plezier uit elke wijn.

Wijn inschenken en proeven aan een sfeervolle tafel

De fles correct openen

  1. Verwijder de capsule net onder de rand van de flessenhals.
  2. Veeg de bovenkant van de fles schoon.
  3. Plaats de spiraal van de kurkentrekker in het midden van de kurk.
  4. Draai rustig en trek de kurk gecontroleerd omhoog zonder hem te breken.
  5. Controleer de kurk en de wijn op opvallende geuren.

Bij mousserende wijn hou je altijd een hand op de kurk. Draai de fles langzaam terwijl je de kurk tegenhoudt, zodat hij zacht en gecontroleerd vrijkomt.

Wanneer moet wijn ademen?

Niet elke wijn hoeft te worden gedecanteerd. Jonge, krachtige rode wijn kan door extra zuurstof opener en zachter worden. Oudere wijn decanteer je vooral voorzichtig om bezinksel te scheiden; te veel lucht kan kwetsbare aroma’s snel doen verdwijnen.

Twijfel je? Schenk eerst een klein glas en proef. Als de wijn gesloten of streng overkomt, kan extra tijd in het glas of een karaf helpen.

Schenk niet te veel tegelijk

Vul een wijnglas ongeveer voor een derde. Zo blijft er voldoende ruimte om de wijn rustig rond te draaien en de aroma’s te verzamelen. Hou het glas bij de steel vast zodat je de wijn niet onnodig opwarmt.

Wijn proeven met drie zintuigen

1. Kijken

Bekijk de helderheid, kleur en intensiteit tegen een lichte achtergrond. De kleur kan iets vertellen over druivenras, leeftijd en rijping, maar vormt nooit op zichzelf een kwaliteitsbeoordeling.

2. Ruiken

Ruik eerst zonder te walsen. Draai daarna voorzichtig met het glas en ruik opnieuw. Zoek niet meteen naar het “juiste” antwoord, maar naar herkenbare groepen zoals fruit, bloemen, kruiden, hout, aarde of ontwikkeling.

3. Proeven

Neem een kleine slok en let op zoetheid, zuren, tannines, alcohol, body, smaakintensiteit en afdronk. Vraag jezelf af of deze elementen in evenwicht zijn en of de wijn aangenaam blijft nazinderen.

De juiste temperatuur maakt verschil

  • Mousserend: ongeveer 6-10 °C.
  • Frisse witte wijn: ongeveer 8-10 °C.
  • Volle witte wijn: ongeveer 10-14 °C.
  • Lichte rode wijn: ongeveer 12-16 °C.
  • Krachtige rode wijn: ongeveer 16-18 °C.

Serveer liever iets te koel dan te warm: in het glas stijgt de temperatuur snel.

POST A COMMENT